Zeven jaar Jan Klaassen en Katrijn
Het is alweer zeven jaar geleden dat ik Jan Klaassen en Katrijn aan mijn repertoire heb toegevoegd, na het volgen van de Jan Klaassen Academie in Amsterdam. Zeven jaar waarin ik deze twee iconische figuren regelmatig tot leven heb mogen brengen in mijn poppenkast. Twee figuren waar ik tot 2019 eigenlijk niets van wilde weten.
Ik herinner me nog goed hoe het begon. Ik wilde terug naar de roots van het poppenspel. Jan Klaassen is immers de meest bekende Nederlandse poppenkastfiguur. Vroeger kende iedereen hem. Op school, op straat, bij feesten. Hij was overal. Maar de laatste jaren zie je hem steeds minder. Veel poppenspelers zijn overgestapt naar zichtbaar spelen in een decor. Dat kan mooi zijn, maar de magie van de poppenkast verdwijnt dan vaak.
Bij Jan Klaassen en Katrijn draait het juist om die magie. Om de illusie dat de poppen echt leven. Dat bereik je alleen als je onzichtbaar bent voor het publiek. Als je achter de gordijntjes van de kast speelt en de poppen hun eigen leven lijken te leiden. Dan gebeurt er iets bijzonders. Kinderen geloven erin. Ze reageren, ze lachen, ze roepen waarschuwingen als er gevaar dreigt. Ze zijn volledig in de ban van wat er gebeurt.
De afgelopen zeven jaar heb ik talloze voorstellingen gespeeld met Jan Klaassen en Katrijn. Op scholen, bij feesten, op evenementen. Iedere keer weer is het publiek anders, maar de reacties zijn vaak hetzelfde. Kinderen kennen Jan Klaassen vaak niet meer van tevoren. Maar na de voorstelling kennen ze hem wel. En hoe. Ze vertellen thuis over de grappige Jan Klaassen en zijn vrouw Katrijn. Over de doldwaze situaties en de spannende momenten.
Wat me het meeste voldoening geeft is dat ik deze traditie levend houd. Dat nieuwe generaties kennismaken met deze klassieke figuren. Jan Klaassen hoort bij het Nederlandse poppenspel zoals sinterklaas bij december hoort. Het zou zonde zijn als deze traditie verloren zou gaan.
Natuurlijk heb ik de verhalen wel wat meer aangepast aan deze tijd. Het geweld dat vroeger in Jan Klaassenverhalen vaak voorkwam beperk ik tot een minimum. Mijn Jan Klaassen lost problemen op met humor en slimheid, maar soms toch ook nog met de slapstick (klapstok). Want het slaan met de klapstok hoort ook bij de traditie.
Ook de lengte van de voorstellingen heb ik aangepast. Een half uur is voor de meeste kinderen een goede lengte. Niet te lang, niet te kort. Net genoeg om even helemaal op te gaan in het verhaal zonder dat de concentratie wegzakt.
Ik hoop dat ik Jan Klaassen en Katrijn nog vele jaren mag en kan blijven spelen. Dat steeds meer kinderen kennismaken met deze prachtige figuren. Want zolang er publiek is dat geniet van deze voorstellingen blijf ik het met plezier doen. De traditie verdient het om voortgezet te worden. En ik voel me vereerd dat ik daar een steentje aan mag bijdragen.
Leuk als je ook eens een voorstelling met Jan Klaassen en Katrijn wilt zien. Laat het me weten.


